U bent hier

Vierhandengebaren

De handen van de doofblinde persoon rusten op de handen van de tolk. De tolk gebaart en de doofblinde persoon voelt de gebaren af. Voor sommige woorden moet overgegaan worden op vingerspelling in de hand. Deze methode is afgeleid van de Nederlandse Gebarentaal (NGT). Enkele onderdelen uit de NGT, zoals de mimiek, zijn niet zomaar in Vierhandengebaren om te zetten. Deze componenten moeten vertaald worden, zodat de doofblinde persoon deze kan waarnemen. Dat maakt deze methode langzamer dan het gewoon vertalen in NGT. Voor de tolk is het belangrijk dat zij regelmatig rust en afwisselt met een andere tolk om zo de snelheid te kunnen garanderen.

 

 

Bewaren