Sprekers biografieën
Thorsten Afflerbach is hoofd van de Afdeling Gehandicapten van de Raad van Europa. Na een beroepsopleiding in buitenlandse handel in Hamburg haalde hij een een MA-diploma in Sociologie, economische geschiedenis en Engelse taal en literatuur aan de Christian-Albrechts-Universiteit in Kiel, Duitsland. In de jaren ’90 werkte hij als lector aan een Britse universiteit en als manager beroepsopleidingen bij de Kamer van Koophandel in Duitsland. Sinds 1995 is hij lid van het algemeen secretariaat van de Raad van Europa (Straatsburg, Frankrijk) bij het directoraat-generaal van Sociale Cohesie, en werkte hij als vice-voorzitter van de interne emancipatieraad van de Raad van Europa. Hij heeft geschreven over de economische geschiedenis van Europa en over internationaal gehandicapten- en gezondheidszorgbeleid.
Anna-Lena Nilsson begon als tolk gebarentaal aan het eind van de jaren ’70, en heeft tot 1983 op internationale congressen getolkt. Ze haalde een diploma gebarentaaltolken aan de universiteit van Stockholm, waar ze later ook een BA-diploma haalde in Engels, taalkunde en Zweedse Gebarentaal. Op dit moment doet ze promotieonderzoek naar gebarentaal aan de universiteit van Stockholm, waar ze gebarentaaltheorie en tolken onderwijst.
Barbara Moser-Mercer is hoogleraar Congrestolken aan de universiteit van Genève, École de traduction et d'interprétation (ETI), en tevens hoofd van het Conference Interpreting Program. Ze volgde een opleiding vertalen en tolken aan de universiteit van Innsbruck en psycholinguïstiek en neurolinguïstiek aan de universiteit van Rochester (NY, V.S.). Haar proefschrift onderzocht de mogelijkheden van cognitieve modellen voor simultaantolken. Ze schreef met collega’s twee boeken over tolken en ze heeft artikelen gepubliceerd over vaardigheidstesten voor congrestolken en over verschillende aspecten van de werkomstandigheden van tolken. Haar onderzoek richt zich vooral op het aanleren van tolkvaardigheden, op de invloed van persoonlijke eigenschappen op de werkomstandigheden van tolken, en op cognitieve parameters bij het ‘tolken op afstand’. Ze is betrokken bij het opleiden van tolkdocenten bij zowel de ETI in Genève als bij verschillende Europese instelingen en voor de AIIC in midden- en zuid-Europa. Daarnaaast werkt ze als congrestolk en lid van AIIC, en is ze coördinator van de onderzoekscommissie van AIIC.
Gardy van Gils was opgeleid als maatschappelijk werkster en werkte als gezinstherapeut voor de doventeams van het RIAGG in de afgelopen vijftien jaar; hiertoe volgde ze een voortgezette opleiding familie/partnertherapie. Ze is docent dovencultuur bij de opleiding Leraar/Tolk Gebarentaal aan de Hogeschool Utrecht sinds 2004. Vanaf 2007 werkt ze daar ook als onderzoeker bij de onderzoeksgroep Dovenstudies in het lectoraat van Beppie van den Bogaerde. Haar afstudeerscriptie uit 2007 was getiteld “Dove tolken gebarentaal: partners of concurrenten?â€. Daarin deed ze verslag van een onderzoek naar de positie van Dove tolken in het algemeen en hoe reguliere (horende) tolken NGT en Doven hier tegen aan kijken. Gardy van Gils verzorgt geregeld (inter)nationale workshops, lezingen en trainingen op het gebied van samenwerking tussen doven en horenden.
John Walker heeft zich in de afgelopen tien jaar vooral gericht op de beroepsontwikkeling van gebarentaaltolken, wat ondermeer ‘co-interpreting’, assertiviteit en mentorschap omvatte. Deze onderdelen hebben tot nieuwe benaderingen geleid in de beroepspraktijk van tolken. Hij voltooide een tolkopleiding aan de universiteit van Durham, die actief de professionele ontwikkeling van dove tolken bevorderde; in de geschiedenis gingen de tolkactiviteiten van dove mensen vooraf aan die van horenden, blijkt uit onderzoek. John wil als nieuwkomer niet als rolmodel gezien worden voor dove tolken, maar hij bevordert actief de toekomstige beroepspraktijk voor dove tolken. In zijn rol van coördinator dovenstudies werkt hij aan het opzetten van een masteropleiding voor gebarentaaltolken die zowel voor dove als horende tolken toegankelijk zal zijn.
Cynthia Jane Kellett Bidoli werkt als universitair hoofddocent consecutief tolken van gesproken Italiaans naar Engels op de Advanced School of Modern Languages for Interpreters and Translators (SSLMIT), Universititeit van Triëst. Haar onderzoeksinteresses liggen op het gebied van lexicografie en het meten van tolkkwaliteit, waarbij de nadruk ligt op non-verbale aspecten van consecutief tolken. Dit heeft zich langzaam ontwikkeld tot een interesse in non-verbaal gedrag en het tolken van gebarentaal. Sindsdien heeft zij zich gericht op aspecten van culturele en taalkundige uitwisseling tussen de wereld van het gesproken Engels en de gebarende Italiaanse dovenwereld, waarover zij diverse artikelen heeft gepubliceerd en twee boeken geredigeerd. Haar huidige onderzoek richt zich op de compilatie (inwording) van een elektronische woordenlijst van LSP (Language for Special Purposes) voor studenten Italiaanse Gebarentaal (LIS) en audiovisuele vertaling van films en TV-programma’s voor doven. Ze is de coördinator van de LIS-cursus die sinds 1998 op het SSLMIT aangeboden wordt.
- 1604 keer gelezen
